De gemeente Borsele heeft een hoge ruimtelijke kwaliteit. Het is een groene gemeente waarin verschillende landschappen voorkomen, van een open poelgebied, heggengebied, kleinschalig polderlandschap tot de grootschalige agrarische gebieden. Het groene buitengebied en de beperkte schaalgrootte van de dorpen draagt bij aan het landelijke karakter van de gemeente Borsele.
Voor het landelijke karakter kan het buitengebied van de gemeente grofweg onderverdeeld worden in:
- De Poel;
- De kleinschalige nieuwlandpolders;
- De herverkavelde oudlandpolders;
- De grootschalige polders;
- Westerschelde.
Het Borsels landschap
De ontstaansgeschiedenis van onze gemeente weerspiegelt zich in de geologische en de landschappelijke opbouw. De opbouw van de oudlandkern De Poel en het oudland rond Hoedekenskerke, Baarland en Ellewoutsdijk zijn reliëfrijke gebieden. De hogere delen vormen van oudsher een systeem van kreekruggen die de lagere delen, de poelgebieden, omsloten. Op de kreekruggen waren de dorpen, de wegen, het bouwland en de boomgaarden geconcentreerd. In de poelen was toen nagenoeg uitsluitend grasland aanwezig.
In het buitengebied van Borsele liggen verschillende oudlandgebieden. Een oudlandpolder is een polder waar de invloed van de zee reeds lange tijd is 'uitgeschakeld' door de aanleg van dammen of kleine defensieve zeewerende dijken. Oudlandpolders ontstonden doorgaans vóór de 13e eeuw, en ze werden - als geheel - voorafgegaan door de aanleg van kleinere inpolderingen. Een groot deel van de oudlandgebieden in de gemeente is herverkaveld. Dit is relatief laat gebeurd, vanaf de jaren ‘70 in de vorige eeuw is een transformatie van het landschap te zien (figuur 2). De ruilverkaveling heeft een grote invloed gehad op het groene karakter en de landschappelijke structuur.
Belangrijke elementen in de groenstructuur zijn beplante dijken in bijvoorbeeld de Ouwelandpolder. De gebieden rondom Baarland, Hoedekenskerke en Ellewoutsdijk zijn na de Watersnoodramp samen met andere gebieden herverkaveld. Hierbij zijn kenmerkende singelbeplantingen langs wegen aangelegd.

Figuur 2: Grondgebied van de gemeente Borsele en landschappelijke indeling op hoofdlijnen
Het grootste oudlandgebied in de gemeente is De Poel. Het van oorsprong slecht ontwaterde en extensief gebruikte gebied is door ruilverkaveling sterk van karakter veranderd. Het zeer gesloten karakter, onder andere door de meidoornhagen in het gebied, heeft plaatsgemaakt voor open en rationeel landschap: een landschap dat ingericht is volgens de principes van de landbouwkunde. Kleine natuurgebiedjes zijn bewaard gebleven, zoals het ganzen- en heggenreservaat. Het heggenreservaat is een zeer besloten deel van de gemeente.
De gemeente bestaat ook voor een deel uit nieuwland. Nieuwlandpolders die in de gemeente zijn gelegen zijn de Zwakepolders, Stellepolders, Kraaijertpolders, Jacobpolder, Quarlespolder en de Borsselepolder. Door de beperkte beplanting hebben de polders een open karakter. De Borsselepolder heeft bijvoorbeeld een eigen open karakter waar boerderijen van ver zichtbaar zijn.
De Zak van Zuid-Beveland heeft haar eigen natuurlijke en cultuurhistorische karakteristiek. Het gebied kent verschillende oud- en nieuwlandgebieden, elk met een eigen karakteristiek. Het gebied heeft een groen en kleinschalig karakter. Het landschap vertelt het verhaal van de strijd tegen het water door kreekrestanten en aanwezige dijk- en polderpatronen. De landschappelijke waarden van De Zak van Zuid-Beveland vormen de basis voor kleinschalig toerisme en extensief recreatief gebruik als wandelen en fietsen.

Figuur 3: Ontwikkeling van het landschap door de tijd heen (Topotijdreis)
De dorpen van Borsele
De meeste dorpen van het oudland zijn dijkdorpen, wegdorpen of kerkringdorpen (en een enkel voorstraatdorp). Bijzonder aan de Borselse dorpen is dat ze nog goed de sfeer en het karakter van de oorspronkelijke dorpen hebben. De meeste dorpen zijn slechts beperkt in omvang gegroeid. Dat maakt de dorpen van Borsele aantrekkelijk. De kernen zijn door hun onaangetaste historische kernen, gaafheid van de bebouwing, de aanwezige groenstructuren (dorpsbossen, boomweiden en losse groenelementen) en de beperkte omvang met recht karaktervolle dorpen. De kwaliteiten van elk dorp worden toegelicht bij Ontwikkelperspecitief dorpen.
Omgevingskwaliteit
De fysieke leefomgevingskwaliteit van de gemeente Borsele is hoog. Er bestaan geen hele grote milieuknelpunten als gevolg van geluid, luchtkwaliteit, bodemkwaliteit, geur, stikstof of externe veiligheid. Dit neemt niet weg dat in sommige gevallen wel degelijk hinder ervaren kan worden. We stippen hieronder kort actuele milieuthema’s aan zie voor detailinformatie de bijlage “Staat van Borsele”:
- De bodemkwaliteit voldoet in een groot deel van de gemeente aan de achtergrondwaarde. Op diverse locaties verspreid door de gemeente, zoals in de kernen, zijn percelen aanwezig met een bodem met industriekwaliteit of een kwaliteit die niet voldoet aan industrie.
- Het Sloegebied en de rijks-, provinciale en gebiedsontsluitingswegen dragen bij aan geluidsbelasting van de omgeving. Vooral in de kernen Borssele, Nieuwdorp en ’s-Heerenhoek leidt dit zo nu en dan tot geluidhinder. Binnen de milieucontouren van het bestaande industriegebied is nog geluidsruimte aanwezig.
- In de gemeente is de luchtkwaliteit overal goed. Voor fijnstof (PM10 en PM2,5) liggen de waarden in de hele gemeente onder de Europese normen. Voor de concentratie van NO2 bestaan er verhogingen in de nabijheid van de A58 en de N62 naar de Westerscheldetunnel. Ook ontgassing door schepen op de Westerschelde kan een negatieve invloed hebben op de luchtkwaliteit.
- In de gemeente Borsele ligt een kernenergiecentrale. Deze centrale brengt een extern veiligheidsrisico met zich voor de gemeente en omliggende gebieden. Daarnaast bestaan er lokale externe veiligheid risico’s door transport van gevaarlijke stoffen, buisleidingen met gevaarlijke stoffen en kleine, lokale installaties (zoals de opslag van vuurwerk). Op 9 december 2022 maakte minister Jetten van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat bekend dat er een intentieverklaring is ondertekend om de huidige kerncentrale langer open te houden. Hiervoor moet eerst onder andere worden onderzocht wat er technisch voor nodig is, wat de voorwaarden van omwonenden zijn en welke milieueffecten dit heeft.
- Landelijk bestaan er grote uitdagingen voor de uitstoot van stikstof. In gemeente Borsele komt de grootste uitstoot van NOx door verkeer en vervoer (autoverkeer, binnen- en zeescheepvaart) en raffinaderijen. De landbouw sector vormt de grootste bron van de emissie van ammoniak.
- Door de aanwezigheid van industrieën langs de Sschelde, zijn de PFAS-waarden in de Westerschelde verhoogd.
- De waterkwaliteit van het oppervlaktewater voldoet niet aan de normen die vanuit de KRW worden gesteld. In 2027 moet al het oppervlaktewater een goede kwaliteit hebben. Dit vormt een grote uitdaging.
- Om de klimaatdoelstellingen te halen, wil het kabinet de komende jaren een mix van (schone) energiebronnen gebruiken om aan de energiebehoefte te voldoen. Het ziet kernenergie daarbij als een nuttige aanvulling op andere energiebronnen. Op 9 december 2022 maakte minister Jetten van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat eveneens bekend dat Borssele de voorkeurslocatie is voor de bouw van twee nieuwe kerncentrales. Het Rijk start met onderzoeken of Borssele een geschikte vestigingslocatie is. Daarbij kijkt men naar het draagvlak onder omwonenden, gevolgen voor het milieu, de effecten van extra energie op het hoogspanningsnet en hoe kerncentrales in het energiesysteem van de toekomst passen. Het ministerie verwacht op zijn vroegst eind 2024 een definitief besluit te nemen.
Samengevat: het landelijke karakter
De kernkwaliteiten van het landelijke karakter van de gemeente Borsele zijn, kort samengevat:
- De gemeente Borsele kent meerdere mooie dorpen met hoge erfgoedwaarde. De meeste dorpen zijn “klein” gebleven. In zijn algemeenheid kan daarnaast worden gesteld dat de identiteit, de ruimtelijke kwaliteit en de erfgoedwaarde van de dorpen behouden is gebleven;
- De gemeente Borsele heeft een unieke landschapskarakteristiek met contrasten tussen de openheid van het nieuwland, de relatieve geslotenheid in het oudland en de stedelijke verdichting op de kreekruggen;
- De milieukwaliteit is over het algemeen goed. Aandachtspunten bestaan rondom het Sloegebied, de A58 en de N62.